Sociale fraude bestrijden

In 2020 bestrijdt de RSZ fraude door de controles en de samenwerking met andere instellingen te versterken. Ons antifraudebeleid is gericht op risicobeheersing. Mogelijke problemen met de invordering detecteren we zo snel mogelijk.

Risico’s opsporen en beheersen

Het antifraudebeleid van de RSZ is gericht op risicobeheersing. Signalen die aangeven dat de invordering moeilijk of onmogelijk zou kunnen worden, en tekenen van frauduleus onvolledige of onjuiste aangiften, zowel voor Belgische als buitenlandse werkkrachten, worden zo vroeg mogelijk gedetecteerd. Daarna zetten we de meest geschikte middelen in om de invordering mogelijk te maken.

Belangrijkste risico’s

De RSZ focust vooral op vier soorten risico’s:

  • het niet-betalen van sociale bijdragen: dit risico doet zich bijvoorbeeld voor wanneer ondernemingen op een georganiseerde manier sociale bijdragen ontduiken. Meestal zetten de organisatoren van de fraude complexe constructies op met onderaannemers die failliet gaan en geen bijdragen betalen. Het gebeurt dat dezelfde verantwoordelijken in opeenvolgende faillissementen hun bijdragen niet betalen.
  • onterecht verkregen uitkeringen: typisch voor dit risico is dat werknemers wel worden aangegeven, maar geen prestaties leveren. Zo kunnen ze voordelen krijgen, bijvoorbeeld uitkeringen, zonder dat ze de nodige arbeidsprestaties leveren en de bijdragen betalen die daarmee gepaard gaan.
  • grensoverschrijdende misbruiken: buitenlandse ondernemingen proberen werknemers of zelfstandigen in België aan de slag te krijgen zonder de arbeidsrechtelijke en sociale voorwaarden te respecteren. De bekendste uiting daarvan is sociale dumping.
  • economische en sociale uitbuiting van werknemers en mensenhandel: mensenhandel neemt twee vormen aan. Enerzijds is er de uitbuiting van arbeidskrachten die zich in een precaire toestand bevinden en in mensonwaardige omstandigheden tewerkgesteld worden. Anderzijds is er de uitbuiting van het werk van een werknemer. In dat geval stort de werkgever geen of slechts gedeeltelijke bijdragen als tegenprestatie aan de RSZ.

Detectie en analyse

Risicobeheersing bestaat er enerzijds in om risico’s in de eigen processen proactief op te sporen, zodat misbruik onmogelijk wordt. Anderzijds betekent het ook dat je risicovolle fenomenen opspoort, onderzoekt en in kaart brengt. De aanleiding daartoe kunnen vaststellingen op het terrein zijn, maatregelen die minder financiële opbrengsten genereren, of de vaststelling van grotere uitgaven voor de sociale zekerheid in bepaalde domeinen. We maken bij het opsporen en in kaart brengen ook in toenemende mate gebruik van doorgedreven analyses van gegevens uit databanken.

Welke analysemethode wordt gehanteerd, hangt af van de situatie. Bij datamatching worden verschillende gegevens uit meerdere datasets met elkaar vergeleken. Bij datamining worden er diepere analyses uitgevoerd en zoeken we bijvoorbeeld in de diepte naar patronen die afwijken van de normale of aanvaardbare situatie. Bij voorspellende analyses proberen we net op basis van historische data en gelijkaardige patronen nieuwe risico’s te voorspellen.

Vaak is het de bedoeling om het netwerk van bedrijven en verantwoordelijken bloot te leggen en te ontmantelen. Inspecties van de boekhouding en de financiële transacties, en ondervraging van het personeel en de echte of vermeende verantwoordelijken, helpen om de problemen in kaart te brengen. Een goede samenwerking met de gerechtelijke instanties, met andere instellingen van de sociale zekerheid (RVA, RSVZ enz.) en met andere externe instellingen (bijvoorbeeld de fiscale administratie, het Fonds voor Sluiting van Ondernemingen, de regionale inspectiediensten...) is daarbij onontbeerlijk.

In 2020 werd verder geïnvesteerd in het nieuwe 'Big Data Analytics Platform' (BDAP). De installatie van het platform werd grotendeels afgerond op het einde van het 3de kwartaal 2020. Vervolgens is het platform geïntegreerd met een aantal essentiële omgevende systemen, en werden afgesproken principes van beveiliging en privacy by design ingevuld. Dit gebeurde onder meer door het beschrijven en implementeren van een volledige en GDPR-compliant governance voor het platform en de gegevensverwerkingen die erin kunnen gebeuren. De eerste doorgedreven testen met business data werden uitgevoerd en de installatie en configuratie werden afgerond.

Bestrijding en invordering

De RSZ beschikt over een arsenaal aan middelen om risico’s op een moeilijke invordering te voorkomen en alsnog tot invordering van de verschuldigde bedragen over te gaan:

  • Sneller een uitvoerbare titel verkrijgen via een dwangbevel. Dit maakt beslagen (roerend en onroerend) mogelijk op heel korte termijn en eventueel wordt er in faling gedagvaard;
  • derdenbeslagen uitvoeren op financiële rekeningen en tegoeden;
  • de feitelijke verantwoordelijke hoofdelijk aansprakelijk stellen voor de opgebouwde RSZ-schulden (op basis van het Wetboek van vennootschappen);
  • correctionele procedures opstarten. Bij onterecht verkregen uitkeringen treden we vaak samen op met de getroffen instellingen van de sociale zekerheid.

Risicobeheersing in 2020

Gedetecteerde risicogevallen

In 2020 detecteerden en analyseerden we 169 complexe dossiers van onbetaalde sociale bijdragen en onterecht ontvangen uitkeringen, opgespoord door de dienst fraudenetwerken en door de binnendiensten (DBI, datamining, …). Dat gaf aanleiding tot de behandeling van 106 nieuwe dossiers met een ernstige problematiek, die met de gepaste strenge procedures werden behandeld. Zo’n dossier kan betrekking hebben op een complex geheel van meerdere werkgevers en ondernemingen opgericht met de bedoeling om fraude te plegen.

Eind 2020 waren in totaal sinds de eerste vaststellingen 1.706 fictieve werkgevers geschrapt, waarvan 92 in 2020, op basis van 269 fictieve DmfA-aangiften. In de loop van 2020 werden 588 werknemers geschrapt of geannuleerd bij hun fictieve werkgever. Voor 147 van hen gebeurde een overboeking naar hun feitelijke werkgever (de uiteindelijke gebruiker).

Gekozen procedures

In 2020 werden 241 dwangbevelen verstuurd in verband met dossiers die door de Directie Bijzondere Invorderingen werden behandeld. Ook werden er 145 bewarende en uitvoerende beslagen gelegd bij werkgevers en derdenbeslagen bij klanten en banken. Om de betaling van de openstaande RSZ-bijdragen te verkrijgen, werden verder beslagen gelegd op 156 roerende en 9 onroerende goederen.

In 13 dossiers was in 2020 sprake van een uitzonderlijke burgerlijke of strafrechtelijke procedure tegen de feitelijke verantwoordelijken van malafide ondernemingen. Zulke procedures zijn een middel om de beperkte aansprakelijkheid te doorbreken die de verantwoordelijken ontlenen aan de vennootschapsvormen die ze gebruiken. De procedures helpen om de niet-betaalde RSZ-bijdragen te recupereren op het persoonlijke vermogen van de verantwoordelijken.

Werken in onroerende staat

In de sectoren waar werken in onroerende staat uitgevoerd worden (art. 30bis), zijn in het verleden vaak koppelbazen actief geweest die de sociale en fiscale wetgeving ontduiken. Om zulke vormen van ontduiking in deze sectoren te voorkomen, hebben we diverse maatregelen in het leven geroepen.

In 2020 werden 142 ingebrekestellingen verstuurd naar aannemers die niet in orde waren met de inhoudingsplicht. In datzelfde jaar vertrokken 700 ingebrekestellingen naar aannemers die in gebreke waren gebleven met de aangifte van werken.

In de sectoren die onder het toepassingsgebied van artikel 30ter vallen (vleesverwerking en bewaking) verstuurden we 13 ingebrekestellingen naar verantwoordelijke ondernemingen die niet in orde waren met de inhoudingsplicht en 24 ingebrekestellingen naar verantwoordelijke ondernemingen die in gebreke waren gebleven met de aangifte van werken.

Bij werkzaamheden op werven gaan we vaak ter plaatse om een controle uit te voeren. Die controles passen in de strijd tegen koppelbazen bij onderaanneming en het toezicht op de verplichte voorafgaandelijke aangifte van werkzaamheden (al dan niet met onderaannemers). In 2020 zijn er in totaal 1.596 onderzoeken uitgevoerd op het correct aangeven van de werkzaamheden op werven in de bouwsector. Hierbij waren 702 werkgevers betrokken.

De verplichte werfmelding controleren
2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020
Aantal verrichte controles 2 154 1 008 859 680 749 743 1.596
Aantal werven dat niet voldeed aan de aangifteplicht 814 665 566 378 545 645 702

Sociale dumping

Sociale dumping slaat op de praktijken van buitenlandse ondernemingen die de wetgeving rond de detachering van werknemers of zelfstandigen schenden. Deze ondernemingen zetten constructies op om geen of slechts gedeeltelijk sociale bijdragen te betalen. Zo dringen zij ondernemingen en werkgevers die te goeder trouw handelen, van de markt.

De strijd tegen sociale dumping is één van de speerpunten van het antifraudebeleid van de jongste federale regeringen. In het actieplan is een centrale rol weggelegd voor de RSZ, ook in 2020.

De RSZ levert maandelijks een lijst van adressen van werven of werkplaatsen die per gerechtelijk arrondissement bezocht kunnen worden. Van deze ‘targets’ konden alle inspectiediensten gebruikmaken om hun acties beter te sturen. Uit de resultaten blijkt dat bij een vrij hoog percentage (meer dan 80%) van de geselecteerde en bezochte werkplaatsen, inbreuken en of ernstige vermoedens van sociale-dumpingpraktijken konden worden vastgesteld. De samenwerking met de inspecteurs op het terrein en het nuttige gebruik van hun terreinkennis hebben de succesratio alleen maar verhoogd.

Daarnaast hebben netwerkanalyses ertoe bijgedragen dat netwerken gemakkelijker in kaart konden worden gebracht.

Controles op het terrein uitvoeren

Controle op fraude

Naast hun ondersteunende opdrachten voeren de sociaal inspecteurs ook fraudegeoriënteerde onderzoeken uit.

De fraudegeoriënteerde controles gebeurden op basis van:

  • eigen initiatief,
  • klachten,
  • signalen verkregen via datamatching en datamining, of
  • deelnames aan de systematische controleacties op vraag van de SIOD (Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst) in de diverse gerechtelijke arrondissementen.

Onze acties concentreerden zich vooral op de bouw- en de horecasector, maar ook andere sectoren zoals de kleinhandel, het vervoer, de schoonmaak- en de uitzendsector kwamen aan bod.

Ook de thematische aanpak van de strijd tegen economische en sociale uitbuiting (mensenhandel) behoort tot de kerntaken van de inspectiediensten bij de RSZ. Onze prioriteiten op dat vlak zijn de opsporing van illegale arbeid door buitenlandse arbeidskrachten en de bestrijding van criminele vormen van economische uitbuiting door gevallen van mensenhandel op te sporen. Mensenhandel is een misdrijf omschreven in artikel 433quinquies e.v. van het Strafwetboek.

We besteden bijzondere aandacht aan risicosectoren zoals handcarwashes, verwerking van tweedehandskledij en nachtwinkels. Maar ook massagesalons, bars, exotische horecazaken en huishoudelijke arbeid (met au pairs, onderhouds- en verzorgingspersoneel) blijven in deze context vaak gecontroleerde sectoren. Voor de selectie van hun targets deden de gespecialiseerde teams mensenhandel een beroep op datamatching en datamining.

De aanpak van mensenhandel onder de vorm van economische uitbuiting verloopt multidisciplinair. Deze onderzoeken gebeuren meestal in samenwerking met justitie, politie en andere diensten.

In de provincies hebben de inspectiediensten dus een dubbel takenpakket. Enerzijds zijn er inspecteurs die zich focussen op de basisopdrachten: zwartwerk, inbreuken op de koppelbaaswetgeving, fictieve aangiften enzovoort. Anderzijds zijn er teams actief die specifieke fraudefenomenen binnen het domein van de sociale fraudebestrijding opsporen en bestrijden. Het gaat dan over vormen van sociale dumping, economische en sociale uitbuiting, georganiseerde fraudenetwerken en de zogenaamde social engineering.

Resultaten

In de strijd tegen de verschillende verschijningsvormen van fraudefenomenen voerden we in totaal 23.108 onderzoeken uit. Op basis van deze onderzoeken werd 139.500.000 euro ter regularisatie aan bijkomende bijdragen voorgesteld. De onderzoeken van de inspectiediensten in het kader van de hoofdelijke aansprakelijkheid hebben in 2020 ook geleid tot een storting van 25.240.000 euro aan inhoudingen op basis van de inhoudingsplicht.

Er werden 6.256 inbreuken rond zwartwerk en 130 inbreuken op het vlak van tewerkstelling van buitenlandse werknemers vastgesteld. Die gaven aanleiding tot het opstellen van pro justitia’s.

Samenwerken met externe organisaties

In de strijd tegen sociale fraude wordt er nauw samengewerkt met diverse externe inspectiediensten en andere organisaties.

SIOD

Een van onze belangrijkste partners is de SIOD (Sociale Inlichtingen- en Opsporingsdienst). De SIOD voert zelf geen onderzoek op het terrein uit, maar is een coördinerend orgaan dat de federale diensten voor sociale inspectie ondersteunt in hun strijd tegen zwartwerk en sociale fraude. De SIOD staat onder de directe bevoegdheid van de Staatssecretaris voor Fraudebestrijding.

Elk jaar stelt de staatssecretaris een actieplan voor de strijd tegen de sociale fraude op. De SIOD, waarin de inspectiediensten van de RSZ vertegenwoordigd zijn, draagt daaraan actief bij.

Het actieplan sociale fraudebestrijding beschrijft de precieze doelstellingen in termen van het aantal controles, de sectoren die bezocht moeten worden en de verwachte resultaten. De inspectiediensten van de RSZ sluiten zich aan bij deze doelstellingen en nemen actief deel aan de voorbereiding en de uitwerking ervan.

De deelname van de RSZ-inspectiediensten aan onderzoeken in SIOD-verband vertegenwoordigde in 2020 ongeveer 14,14% onze opdrachten.

Samenwerking met de fiscus

Sinds 1 januari 2010 bestaat er een samenwerkingsakkoord tussen de diverse sociale inspectiediensten, de SIOD en de FOD Financiën om de uitwisseling en het gebruik van fiscale en sociale gegevens te verbeteren. Er is nog steeds een regelmatige uitwisseling van informatie rond punctuele dossiers, na controles uitgevoerd door één van beide partijen.

Trimestrieel komen de topmanagers van de RSZ en de FOD Financiën samen en monitoren ze de resultaten van de uitwisseling tussen beide instanties. Ook in de loop van 2020 was dit het geval, en werden er nog nieuwe synergiën besproken en opgestart.

Via andere samenwerkingsovereenkomsten staan we ook in contact met andere federale instanties en worden er onderlinge gegevens en ervaringen uitgewisseld.

Partnershipovereenkomsten en PEC-plannen (Plannen voor Eerlijke Concurrentie)

De inspectiediensten van de RSZ bleven in de loop van 2020 tegemoetkomen aan de afspraken die de voorbije jaren gemaakt werden in het kader van de Plannen voor Eerlijke Concurrentie. Ze werkten ook mee aan partnershipovereenkomsten met meerdere bedrijfssectoren, waaronder:

  • de bouwsector,
  • de sector van de elektrotechnische werken,
  • de groene sectoren,
  • de sector van garages en koetswerk,
  • de sector van de carwashes,
  • de metaalsector, en
  • de sector van de begrafenisonedernemingen.

Het uitgangspunt hierbij was nog steeds om sectorspecifieke ervaringen uit te wisselen. Die moeten helpen om de onderzoeksmethodes te verbeteren en om onderzoeken bij de ondernemingen in kwestie bij te sturen waar nodig.

Met partners van de sectoren waarmee de overeenkomsten werden afgesloten en collega's van de andere inspectiediensten werd de uitvoering van de afgesproken acties ook nog steeds besproken en geëvalueerd.

Samenwerkingsprotocol met het RSVZ

Op 6 oktober 2018 sloten de RSZ en de diensten van het RSVZ een samenwerkingsakkoord af in het kader van de strijd tegen schijnstatuten als zelfstandige en als werknemer. De gemeenschappelijke doelstelling was om de eerlijke concurrentie te vrijwaren door het onrechtmatig gebruik van deze schijnstatuten aan te pakken. Ook in 2019 hebben de inspectiediensten van de RSZ zowel strategisch als operationeel een actieve bijdrage geleverd.

Sociale flitscontroles

In samenwerking met de SIOD hebben de inspectiediensten van de RSZ ‘sociale flitscontroles’ voorbereid en mogelijke controledoelen aangereikt. Deze flitscontroles hadden vooral een preventief karakter.

In 2020 waren ze voorzien in een aantal sectoren die deel uitmaakten van het actieplan voor fraudebestrijding, zoals de bouw en de vleessector. De RSZ-inspecteurs hebben aan deze controles hun volle medewerking verleend.

Uitwisseling van informatie

Voor een performantere uitwisseling van gegevens en een betere beheersing van het invorderingsrisico waren er ook in 2020 nog overlegvergaderingen met collega’s van de fiscus – Bijzondere Belastingsinspectie (BBI), Fiscale Administratie… – en van de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid (KSZ). Tijdens deze vergaderingen werd besproken welk soort informatie er voor alle partijen van belang kan zijn, binnen welk kader en via welke kanalen. Deze uitwisseling moet de betrokken diensten toelaten om elk binnen hun domein het invorderingsrisico, het aangifterisico en het risico op grensoverschrijdend misbruik zoveel mogelijk te beperken. Zo was er concrete uitwisseling over:

  • uitgevoerde sociale of fiscale regularisaties,
  • buitenlandse werknemers die al gedurende een langere periode werkzaam zijn op het Belgisch grondgebied,
  • ondernemingen met een risico op insolvabiliteit,
  • netwerken van ondernemingen,
  • aangegeven werken,
  • Checkinatwork (C@W), en
  • unieke identificatiegegevens van buitenlandse ondernemingen.

Samenwerking in internationaal verband

EMPACT Action Days Labour Exploitation

Volgens haar missie wil de RSZ-inspectiedienst ‘excelleren in de strijd tegen de economische uitbuiting’.

In september 2020 nam de RSZ-inspectiedienst deel aan de EMPACT Action Days (EAD) Labour Exploitation. Dat is een Europees initiatief tegen arbeidsuitbuiting dat kadert in het EU-actieplan tegen mensenhande; het wordt centraal ondersteund door Europol.

De themadirectie mensenhandel coördineerde het Belgische luik van deze EAD, in samenwerking met andere inspectiediensten. De Directie van de Federale gerechtelijke politie voor de bestrijding van de zware en georganiseerde criminaliteit, de provinciale directies van de Federale gerechtelijke politie en de lokale politiezones verleenden hun actieve steun. Het initiatief werd eveneens ondersteund door de arbeidsauditeurs.

Er werden in totaal 51 ondernemingen gecontroleerd. De internationale dimensie van dit initiatief maakte een samenwerking en informatie-uitwisseling onder verschillende EU-landen mogelijk. Met name met de Nederland en Frankrijk werd een concreet samenwerkingsverband opgezet. In de drie landen werden gelijktijdige controles verricht naar de arbeids- en leefomstandigheden van internationale vrachtwagenchauffeurs. In België gebeurde dit door een team van gespecialiseerde inspecteurs van RSZ, TSW, TWW en politie. Dit grootschalig onderzoek bracht indicaties aan het licht van uitbuiting van de vrachtwagenchauffeurs, met name in volle coronacrisisperiode.

Ook in andere risicosectoren, met name in nagelstudio’s, exotische restaurants en in de land- en tuinbouwsector, werden controles verricht die waren gericht op het opsporen van economische uitbuiting, met bijzondere aandacht voor de invloed van de COVID-19 pandemie op kwetsbare werknemers. Een onderzoek naar arbeidsuitbuiting in de sector van de exotische restaurants werd ondersteund door de Portugese politiediensten.

De RSZ-inspecteurs gespecialiseerd in het thema mensenhandel hebben op internationaal vlak een degelijke reputatie opgebouwd. De werking van de ECOSOC-teams wordt door internationale organisaties vaak als model voorgesteld. Zo brachten leden van het Europese FLOW-project (Flows of illicit funds and victims of labour trafficking: uncovering the complexities) in 2020 een studiebezoek aan Belgische actoren in de strijd tegen de mensenhandel en werd de werking van de RSZ-inspectiedienst in het domein van de strijd tegen de mensenhandel besproken op een webinar rond mensenhandel en economische uitbuiting georganiseerd door HEUNI (European Institute for Crime Prevention and Control, affiliated with the United Nations).

COVID-19

Aan de RSZ-inspectie werd gevraagd om specifieke controles te doen op de ondernemingen die uitstel van RSZ-betalingen verkregen op basis van een verklaring op eer. Deze controles werden uitgevoerd bij alle betrokken werkgevers met een personeelsbestand tussen de 20 en de 499 werknemers, alsook bij een steekproef van 10% van de betrokken werkgevers met minder dan 20 werknemers. In de periode van 4 mei tot en met 15 juni werden 2.116 werkgevers bezocht.

Bij 310 werkgevers stelden de inspecteurs vast dat de activiteiten niet volledig stopgezet werden. Deze gevallen werden ook gecontroleerd op basis van het criterium ‘daling omzet of loonmassa met minstens 65%’. Uiteindelijk werd voor 212 werkgevers het uitstel van betaling geschrapt.

Er werden ook controles uitgevoerd bij 8 werkgevers met meer dan 499 werknemers. Deze ondernemingen werden geselecteerd op basis van het aandeel van het personeel dat tijdelijke werkloosheid genoot en op basis van de BTW-gegevens. Tijdens de controles bleek dat deze ondernemingen inderdaad altijd actief gebleven waren. Zij konden evenwel bewijzen voorleggen dat de omzet of de loonmassa met minstens met 65% gedaald was. Om die reden bleef het uitstel van betaling behouden.

Sinds juli 2020 controleerde de RSZ-inspectie het naleven van de sanitaire maatregelen op de arbeidsplaatsen.

Sinds september 2020 was de RSZ-Inspectie ook betrokken bij :

  • De controle op het correct invullen van de Passenger Locator Forms (PLF’s) door buitenlandse arbeidskrachten;
  • De controle op het correct invullen van het register m.b.t. buitenlandse arbeidskrachten.

In de periode van 01/07/2020 tot 31/12/2020 controleerde de RSZ-Inspectie 8.095 werkgevers. Daarbij werden aan 577 werkgevers een waarschuwing gegeven. Er werden 9 Pro Justitia’s opgesteld.

Terug naar boven