Waaruit bestaan bezoldigingen?

De bezoldigingen die werknemers ontvangen, vormen de basis van de berekening van de meeste sociale bijdragen.

Het loonbegrip dat voor de berekening van de bijdragen wordt gebruikt, is complex van aard. Sommige bijzondere bedragen maken er deel van uit, terwijl andere ervan zijn uitgesloten – soms automatisch, soms onder voorwaarden. In de rubriek 'loonbegrip' van de Administratieve instructies Nieuw venster op de portaalsite van de sociale zekerheid vindt u meer details over deze berekeningen.

Bovendien worden de bijdragen voor de meeste arbeiders berekend op 108% van het loon. Op de gewone bezoldigingen voor de vakantiedagen zijn immers werkgevers- en werknemersbijdragen verschuldigd. Die bezoldigingen worden wel uitbetaald door een verlofkas die zelf geen werkgeversbijdragen verschuldigd is

Deze beperkingen bemoeilijken de interpretatie van de globale en gedetailleerde loongegevens Nieuw venster zoals u die op de website van de RSZ vindt. Zo is het is niet mogelijk om op grond van die gegevens met zekerheid vast te stellen hoe de lonen globaal zijn geëvolueerd ten opzichte van de lonen in het buitenland.

Bezoldigingen in 2017

De hier gepresenteerde gegevens voor 2017 en oudere jaren houden voor de eerste keer rekening met de informatie in verband met werknemers die bij de lokale overheidsdiensten worden tewerkgesteld. Vóór 31 december 2016 vielen zij onder de bevoegdheid van de DIBISS.

De volgende tabel en grafieken tonen enkele globale gegevens over de bezoldigingen. Opgelet: de gegevens voor het jaar 2017 zijn voorlopig. Het gaat om bezoldigingen naar rata van 100%, zonder rekening te houden met het loon voor de vakantiedagen van handarbeiders, dat ten laste valt van een vakantiekas.

Ter herinnering: het gaat hier enkel om de loongedeelten waarop socialezekerheidsbijdragen worden berekend.

Verdeling van de bezoldigingen per type

De tabel hieronder illustreert de verdeling van de bezoldigingen aangegeven in 2017, per type:

De grafiek toont dat het aandeel van de verbrekingsvergoedingen (1,70 miljard op 132,01 miljard) en het vervroegde vakantiegeld voor werknemers die hun baan verlaten (0,75 miljard) zeer klein is. Het aandeel van de premies (9,10 miljard) is heel wat groter. Het relatieve aandeel van het vervroegde vakantiegeld en van de verbrekingsvergoedingen stijgt lichtjes; deze laatste stijging is gecompenseerd door een gelijke inkrimping van het aandeel van de premies.

Jaarlijkse evolutie van de verschillende componenten van de bezoldigingen

De volgende grafiek toont de jaarlijkse evolutie van de verschillende onderdelen van de bezoldigingen.

De loonmassa steeg in 2017 in vergelijking met 2016 (meer dan 2,9% voor het gewone loon en de premies samen). Ook het gelijkaardige eenheidsloon per voltijds equivalent steeg, maar in mindere mate (1,30%). De stijging van de werkgelegenheid in 2017, die waarschijnlijk meer gericht is op de werknemers met lage lonen, biedt een mogelijke uitleg.

Ondanks de heropleving van de werkgelegenheid bestaat er een forse stijging van de verbrekingsvergoedingen en van het enkel vertrekvakantiegeld tussen 2016 en 2017. Dit kan verband houden met een stijgende dynamiek van de arbeidsmarkt na crisisperiodes.

Meer gedetailleerde informatie over de bezoldigingen vindt u in de rubriek 'Statistiek' van de website van de RSZ Nieuw venster.